Traditie Jaon en Naon
Uit BoemelWiki
In de beginjaren van de BAK werden op het Marktplein 2 grote poppen geplaatst, reuzen. Dit waren Jaon en Naon, hun namen werden soms ook als Jaan en Naan of Jaen en Naen geschreven.
Het groot Karnavalsboek schrijft over Naon: “Grote vrouwelijke karnavalsvierste (ongeveer 3,5 tot 4,5 meter), die tijdens karnaval Jaon heeft leren kennen. Samen hebben zij n’n zoon: TEUN geheten. Over Jaon (Jaen): “Grote mannelijke karnavalsvierder (ongeveer vier a vijf meter), die de karnaval opent”.
Op karnavalszondag 1969 zijn zij getrouwd. In de historische stukken is hierover het volgende beschreven: “de grote markt van Prinsenbeek zag zwart van de mensen, ondanks de felle kou trouwden Jaon en Naon tesaam – en o wonder, ge kon ze duidelijk horen praten. Zelfs ‘t “Ja, ik wil” klonk in tegenstellingen bij huwelijken in de kerk “hard en duidelijk”. Maar ja wat wil je anders ook van zulke reuzen”.
Jaarlijks werden deze poppen op Vastenavond verbrand, in de napraetkrant van 1978 is hierover het volgende beschreven: “Zoals elk jaar op Vastenavond werden de twee grootste karnavalsgekken Naentje en Jaen volledig verbrand (Memento homo, qui es pulvis est en ad pulvem reveretur)”.
Een opvallend citaat uit het Groot Karnavalsboek mag niet ontbreken in dit artikel: “Al die tijd, dat de dorstluchtige hoogheid regeert wordt hij bijgestaan door een RAAD VAN ELF WIJZE MANNEN. Maar ook de tijd daarvoor: voor voorbereiding, en de tijd daarna, van napraten en opruimen zijn het deze mannen van de Raad van Elf, die de karnavalsgeest weer oproepen, nieuw leven inblazen en vooral helpen uitdragen en manifesteren. Na de karnaval begraven zij de karnavalsgeest weer zorgvuldig, na de oude – afgedane karnavalspoppen van dat jaar – verbrand te hebben, om hen na de Beekse Kermis weer (figuurlijk) op te graven.
De traditie van het verbranden van Jaen en Naon heeft volgens de boeken voor de laatste keer in 1996 plaatsgevonden. Het boek 33 jaar BAK schrijft hierover: “Omdat de verbranding schadelijk was voor het milieu is de BAK met deze traditie gestopt”.
